BLANKENBERGE

thumbblankenbergeBLANKENBERGE
van Tom Lanoye

Een zwoele augustusavond.

Het seizoen is ronduit slecht geweest voor weduwe Lucy Verplancke, eigenares van brasserie “Blankenberge”, gelegen op de dijk van de gelijknamige badstad. Zij wil de zaak verkopen. Haar hopeloos verwende zoon Kurt wil de brasserie laten ombouwen tot een dancing. De wijkagent Armand heeft een oogje op de weduwe; de jonge kelner Philippe ziet de jonge dienster Brigitte wel zitten, die op haar beurt eveneens avances krijgt van Kurt. De niet meer zo prille serveerster Carine deelt het bed van iedereen. En de oude keukenhulp Bertje heeft een verhouding met het manusje-doet-al Idriss, een jonge vreemdeling.

De laatste avond is er het traditionele afscheidsfeestje voor het tijdelijk personeel. In die bluesy sfeer ontwikkelt zich het hele dramatische gebeuren.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

DE CAST van BLANKENBERGE
Mieke Bruggeman
Kathelijne Depuydt
Wim De Witte
Frederik Gullinck
Patrick Pevenage
Rodrigo Urbano
Marijke Verhaeghe
Dirk Verleysen

van Tom Lanoye
regie Danny Brosens

BLANKENBERGE in de PERS
DE GENTENAAR- 18/02/2000

TRAC MAAKT KOMAF MET VLAAMSE MIDDELMAAT
Gent. – Het is nog volop winter en dus een goed moment om zich te verwarmen aan TRAC’s productie van “Blankenberge”. Tom Lanoye maakt erin komaf met de Vlaamse middelmaat en stopt het alternatief ergens tussen de regels. Wie het niet vindt, kan vast genieten van het boeiend spel.

Blankenberge dateert van 1990 en het ziet ernaar uit dat de tijd het niet vlug zal achterhalen. Lanoye toont haat en liefde in al hun gedaantes, maar bespaart ons de grote gevoelens. Hij situeert het in een milieu dat hij door zijn korte loopbaan als kelner door en door kent: een brasserie, in dit geval genoemd naar de badstad waar het zich afspeelt. Aan het drukkend warme seizoenseinde klaagt bazin Lucy als de spreekwoordelijke middenstander. Zoon Kurt doet de keuken maar wil van de Blankenberge een dancing maken. Hij is niet de enige met dromen. Wijkagent Armand geet met Lucy de zaak redden, de jonge dienster Brigitte een zangcarrière beginnen, jobstudent Philippe nooit meer in zo’n tent werken.
Alleen de ervaren kelnerin Carine en keukenhulpen Bertje en Idriss maken er het beste van. Samen vieren ze de laatste nacht.
De korte scènes zorgen voor een goed tempo dat de groep moeiteloos aanhoudt. (…) TRAC plaatste het decor over de hele breedte van de Fernandez-zaal. Van links naar rechts is er iets wat een slaapkamer voorstelt, dan een café met toog en tafel, en tot slot een keuken die meer van een operatiezaal weg heeft. Daarvoor ligt een zandkleurig doek: een strand met duinpan. Wie niet veel naar theater gaat, zal het niet erg vinden dat het geheel is opgesteld in een vakbondsruimte. Toch is het zonde dat goede amateurgroepen zoals TRAC niet in een professioneel uitgeruste omgeving kunnen werken. Tegenover dat gebrek staat toch opnieuw een sterke homogene prestatie van de spelersgroep. In de beginscènes zoeken ze nog naar de goede vorm, maar naarmate de personages evolueren, groeien de vertolkingen. Vooral Dirk Verleysen is meeslepend als de cynische Kurt die geen spaander heel laat van het opgeklopte vakantiegevoel. Voorts puik acteerwerk van Marijke Verhaeghe als Carine en Frederik Gulinck als Philippe. Mieke Bruggeman zet een vlakke Brigitte neer, maar maakt dat goed met een intense vertolking van Sam Browns klassieker.
(WS)